Door May Rijnen op 15 juni 2016

Algemene beschouwingen PvdA bij Kadernota 2017

Een zeer rendabel jaar, dat invoerjaar voor de drie decentralisaties – 2015 – waardoor allerlei nieuwe werkzaamheden in de gemeente ingesteld moesten worden. De gevreesde extra kosten bleken enorm mee te vallen… door de kanteling heel strikt toe te passen wist het college er zelfs 1,4 miljoen aan over te houden. Een prestatie van wereldklasse, maar met welke consequenties en met welk doel?

De strenge bezuinigingen, een ander woord voor kantelingen, in bijvoorbeeld de huishoudelijke hulp veroorzaakten veel problemen voor betrokken inwoners. Hier is inmiddels door de rechter al een oordeel over geveld. Weliswaar heeft Etten-Leur de huishoudelijke hulp in het pakket gehouden, maar er is, door herindicatie, flink gesneden in het aantal uren dat inwoners kregen toebedeeld.
Al deze ‘winst’ verdwijnt in de reserve, om onze toch al riante reservepositie nog wat meer te versterken.

Had het het college niet gesierd, als zij van al deze ‘winst’ uit sociaal domein ook de inwoners had laten meeprofiteren. Was het nog nodig om zo fanatiek te kantelen als nu gedaan is en daarmee een groep inwoners, hun familieleden en mantelzorgers, die een beroep moeten doen op deze huishoudelijke en andere hulp, te benadelen. Ook de eigen bijdrage werd voor sommige hulpvragers een niet te nemen hindernis, die het college zo snel mogelijk zou moeten veranderen.

Waarom geen voorstel voor het mogelijk maken van de door het onderwijsveld zo zeer gewenste ‘intensieve taalklassen’ en het verlenen van extra schuldhulp aan jongeren die in problemen zijn geraakt, bijvoorbeeld. Er zijn vele mogelijkheden genoeg, maar blijkbaar niet voor dit college, hebben de overige fracties meer fantasie?

Daarnaast kan het college de minima niet vinden en ook de mantelzorgers niet. Dat is een bedroevend resultaat, waardoor een groot deel van de Klijnsma-gelden terugvloeit naar de reserves en niet gebruikt gaat worden waarvoor het was bedoeld. Aan het scheppen van werkgelegenheid wordt daarentegen heel veel geld uitgegeven en zijn de resultaten niet echt duidelijk. Ook regionaal komt men niet verder dan 4 werkplekken creëren waar er 750 beloofd waren.

Schamele resultaten. Terwijl er prachtige projecten mogelijk zijn om langdurig werklozen, werkzoekenden en bijvoorbeeld oud-WVS’ers te helpen door middel van opleidingen in zorg en horeca, gezamenlijke projecten van gemeente en werkplein. Geen verdringing op de arbeidsmarkt, maar het verzorgen van een opleiding in sectoren waar tekorten dreigen te ontstaan.

Het lijkt erop dat de voordelen die het college haalt uit de WMO-gelden en de Klijnsma-gelden worden gebruikt om de negatieve cijfers en resultaten van de Participatiewet te compenseren en toe te dekken. Ook voor de volgende jaren blijft dit systeem gehandhaafd en zullen wij dus verstoken blijven van duidelijke, transparante verantwoording van gelden binnen het sociaal domein. Afspraak is dat dit een gesloten systeem is, maar schuiven binnen dit systeem is niet verboden en daar maakt het college graag gebruik van. Zo ontstaat binnen het sociaal domein een zeer onduidelijk financieel overzicht van voor- en nadelen met een positief eindresultaat.

Onze fractie pleit hier voor meer duidelijkheid, transparantie bij het gebruik van de gelden binnen het sociaal domein en de reserve sociaal domein. Het lijkt ons een goed idee om de gelden te oormerken om zodoende meer inzicht te verkrijgen in het gebruik ervan.

Wij adviseren het college een betere zoekactie naar minima en mantelzorgers te starten, de huishoudelijke hulp in ere te herstellen, de werkgelegenheid (in de zorg) te bevorderen, werkplekken en werkervaringsplaatsen voor werkzoekenden en oud-WVS-medewerkers te gaan zoeken. Graag een reactie.

Ook missen wij in de doorkijk naar 2020, maar voor ons is een doorkijk naar 2017/2018 al genoeg, een reservering van gelden voor opvang en integratie van nieuwkomers. Willen we hier voortvarend aan de gang gaan, dan zal toch ergens een reservering moeten worden gedaan. Wij begrijpen dat het lager onderwijs hier graag een ‘intensieve taalklas’ zou willen starten, zodat goede kennis van onze taal de integratie bevordert. Hoe denkt het college hierover en de andere fracties?

De grote projecten, zoals Zwembad en Nobelaer, beide Nieuw, sudderen verder. Veel nieuws is er blijkbaar niet te melden.
Het Stationsplein krijgt een opknapbeurt van 4 miljoen. Moet lukken voor die prijs!
Centrumparkeren, ambitieus, lijkt veel inwoners te gaan helpen, financiële consequenties nog niet bekend.
Toch zijn het deze grote projecten, waarvan zowel de Raad als de inwoners graag de goede afloop zouden willen vernemen.

Een groot deel van onze algemene beschouwingen draaien om het sociaal domein. Volgens onze fractie het hete hangijzer voor de komende jaren.

Het college vraagt om geld voor een transformatiefonds. Dat lijkt een goede zaak, maar wij vinden de criteria om voor financiële ondersteuning in aanmerking te komen, te weten minimaal twee decentralisaties – maar nog liever drie decentralisaties moeten in de initiatieven worden meegenomen – erg hoog gegrepen. Wij zijn van mening dat moet worden gekeken naar de binnenkomende initiatieven en dat de afwegingen moeten worden geleid door het maatschappelijk nut dat deze initiatieven opleveren, ongeacht hoeveel decentralisaties daarbij worden meegenomen. Graag een reactie.

Ook uitbreiding van de wijkteams is een collegeplan. Dat kan een heel goede zaak worden, als wordt ingezet op communicatie met de wijkbewoners. Laat de wijkteams zichtbaar zijn, laat ze de wijk intrekken, laat ze duidelijk aangeven waar ze voor staan en laat ze ruim bereikbaar zijn, niet 1 uurtje per week in het wijkgebouw.

Dan sluiten wij ons graag aan bij de slagzin die het college op blz. 45 wegzet:

Niet verder op het voorzieningenniveau te bezuinigen maar verder te investeren in de dienstverlening naar onze inwoners”.

Al onze wensen/vragen/ideeën op een rijtje:

  1. Beter overzicht van en inzicht in het gebruik van de gelden binnen het sociaal domein.
  2. Het overschot van de Klijnsma gelden inzetten, bijvoorbeeld voor een project van extra financiële hulp voor jongeren die dreigen ten onder te gaan aan deze problemen. Ook de webshop moet nog beter onder de aandacht van de minima worden gebracht
  3. Herziening/reparatie, liefst met terugwerkende kracht, van de huishoudelijke hulp en de eigen bijdrage/PGB, voor die inwoners waar dit problemen heeft opgeleverd en voor de toekomst het juist toepassen van de wettelijke regels en het aanbieden van maatwerk voor iedereen.
  4. Wijkteams zichtbaar maken, betere communicatie over functioneren en bereikbaarheid van de wijkteams. In de loop van 2016 een evaluatie hierover.
  5. Reservering van gelden om integratie van nieuwkomers te bevorderen en het opstarten van ‘intensieve taalklassen’ in nauwe samenwerking met het onderwijs.
  6. Initiatieven ontplooien om langdurig werkzoekenden opleidingen aan te bieden voor beroepen binnen sectoren waar tekorten gaan dreigen, bijvoorbeeld horeca, zorg en transport.

Kadernota 2015-2018

160615 kadernota 2

May Rijnen

May Rijnen

May Rijnen-Faber, geboren 15 mei 1952. Na mijn studie fysiotherapie heb ik vele jaren met plezier in verpleeghuizen gewerkt. Daarna ben ik les gaan geven aan het ROC West Brabant en dat doe ik nog steeds. Vanaf 1998 ben ik lid van de gemeenteraadsfractie van de PVDA. Alle beleidsterreinen heb ik daarbij mogen behandelen en

Meer over May Rijnen